Voorjaarsnota 2021: sneller en sterker uit de crisis

Het college van B&W wil flink investeren in de stad om Utrecht er na de coronacrisis zo snel mogelijk weer bovenop te helpen. Dat schrijft het in de Voorjaarsnota. Het wordt een grote uitdaging om de begroting dit jaar sluitend te krijgen. Vanaf 2022 is jaarlijks ruim 20 miljoen euro extra nodig, met name omdat de gemeente minder middelen van het Rijk krijgt en onvermijdelijke extra kosten heeft. Toch stelt het college voor te blijven investeren in de kwaliteit en leefbaarheid van de stad. Bezuinigingen zouden voorzieningen voor inwoners stuk maken. Het college zet de herstelaanpak voort die vorig jaar is afgesproken in de begroting. Deze aanpak is onder andere gericht op bestaanszekerheid voor Utrechters die financieel getroffen zijn door de crisis.

De crisis duurt langer en de impact is groter dan eerder gedacht. De verschillen in de stad zijn toegenomen door de crisis. De stad blijft groeien en het gebruik van de openbare ruimte is intensiever geworden door de coronamaatregelen. De Taskforce Maatschappelijke Effecten Corona heeft een uitgebreide analyse gemaakt van de effecten van de coronacrisis op de stad. 

 “Utrecht toont enorme veerkracht, maar tegelijkertijd zijn er ook kwetsbare inwoners die nu extra steun hard nodig hebben. De impact van de coronacrisis op Utrecht is groot. Denk aan de gevolgen voor jongeren, zzp’ers en het midden- en klein bedrijf, zoals de horeca, winkels, cultuur en evenementen”, aldus Anke Klein (wethouder Financiën). “Als gemeente staan we voor een groot financieel vraagstuk. We willen sneller en sterker uit de crisis komen. Als we in crisistijd snijden in voorzieningen zoals onze dienstverlening of onderhoud en kwaliteit van de openbare ruimte draagt dat niet hieraan bij. Utrecht moet een fijne plek blijven om te wonen, werken en ontspannen. Dat betekent dat we onze buffer inzetten, op steun van het Rijk rekenen, maar ook aan inwoners vragen bij te dragen. We kiezen om flink te investeren in de stad en onze inwoners, zodat de stad snel herstelt na de coronacrisis.”

Investeren in de stad

Tot en met 2025 wil het college 58 miljoen euro investeren in een gezonde ontwikkeling van de stad. Denk hierbij aan urgent meer betaalbare woningen realiseren, een groen ‘rondje Stadseiland’, een levendig Lombokplein, maatschappelijke voorzieningen in de Merwedekanaalzone en fijne speelplekken voor kinderen. Het college wil bij de ontwikkeling van de stad sturen op kansengelijkheid: werk, onderwijs en voorzieningen moeten voor iedereen goed toegankelijk zijn. Daarnaast wil het college geld vrijmaken voor de kwaliteit en leefbaarheid van de wijken en buurten, zoals de brede aanpak van de Kanaalstraat/Damstraat en Amsterdamsestraatweg (o.a. inzet van meer wijkboa’s en straatconciërge) en de uitwerking van de Ruimtelijke Strategie Utrecht waarbij openbaar vervoer, groen, sport, onderwijs en cultuur ‘binnen 10 minuten’ bereikbaar zijn.

Herstel uit de crisis

Het college zet de herstelaanpak die vorig jaar in de begroting is afgesproken voort. In de begroting 2021 is samen met partners 116,5 miljoen euro uitgetrokken om onder andere essentiële voorzieningen in de stad, wijken en buurten in stand te houden, Utrechters te helpen om bijvoorbeeld schulden te voorkomen, inwoners die hun baan kwijtraken te begeleiden naar een nieuwe baan en versneld te investeren in projecten onder andere op het gebied van wonen, groen en mobiliteit. Aanvullend op deze herstelaanpak stelt het college 800.000 euro beschikbaar om de leegstand in de binnenstad aan te pakken en ondermijnende criminaliteit zoveel mogelijk te voorkomen, waarbij inwoners of ondernemers met financiële problemen het risico lopen om in handen komen van de criminaliteit.

Grote financiële uitdaging van ruim 20 miljoen

De Voorjaarsnota geeft inzicht in de begroting voor 2022 en de jaren daarna. Met name omdat de gemeente minder geld ontvangt van het Rijk en een aantal onvermijdelijke kosten heeft, moet een jaarlijks bedrag van ruim 20 miljoen euro gevonden worden. Dit is een grote financiële uitdaging. Om te komen tot een sluitende begroting neemt het college daarom een aantal maatregelen. Het college rekent op financiële compensatie van het Rijk voor taken waar de gemeente verantwoordelijk voor is, bijvoorbeeld bij de omgevingswet en voor klimaatdoelstellingen, maar ook voor de kosten als gevolg van de crisis. De gemeente had aan het begin van de crisis een solide financiële uitgangspositie en kan daarom financieel meer risico nemen en de eigen buffer inzetten. Om te kunnen investeren in de stad en kwetsbare inwoners te ondersteunen, is het nodig ook – op een evenwichtige manier- een extra bijdrage te vragen via de belastingen. Dit levert 12,9 miljoen op. Voor een huizenbezitter stijgen de woonlasten hierdoor gemiddeld met 48,64 euro per jaar.

Door samen met partners te blijven investeren in de groeiende stad, komt Utrecht sneller en sterker uit de crisis. Utrechters die hard zijn geraakt door de crisis krijgen ondersteuning én het college investeert in de kwaliteit en de toekomst van de stad voor iedereen.

Vervolg
De Voorjaarsnota wordt in de commissievergaderingen van 22, 23 en 24 juni in de gemeenteraad besproken. Het slotdebat over de Voorjaarsnota 2021 vindt plaats op 8 juli.